Het is 8 februari 1912. Voor het station van Arnhem scandeert een mensenmenigte tijdens de huldiging: “Coen de Koning is kampioen, daar kunnen de Friezen niets aan doen!” Een dag eerder rijdt Coen de Koning, vertegenwoordiger woonachtig te Arnhem, al zijn Friese opponenten naar huis in de ‘Tocht der Tochten’. Maar de overwinning van De Koning in de Elfstedentocht wordt direct na de wedstrijd openlijk betwist door de nummer twee, de Fries Jan Ferwerda. Hij verwijt de kampioen vals spel. Over de ‘rel van 1912’ schaatshistoricus Marnix Koolhaas.
Via deze link komt u op geschiedenis24.nl met een interview met Coen de Koning uit 1954 waarin hij terugblikt op zijn schaatscarrière.