'Het is goed dat de politiek het EPD in de ijskast heeft gezet,' stelde neuroloog Jan van Gijn in 'Dit is de zondag'. 'Vertrouwelijkheid is een buitengewoon groot goed, en we hebben al zoveel grote automatiseringsprojecten zien mislukken dat ik denk dat het te ambitieus was om het wel door te drukken.'
Een van de raarste argumenten die Van Gijn ooit hoorde voor het EPD, was dat de patiënt dan niet steeds hetzelfde verhaal hoefde te vertellen: 'Dat moet wel van een ambtenaar zijn geweest die nog nooit bij de dokter is geweest,' grapte de neuroloog. 'Mensen moeten juist hun verhaal opnieuw vertellen, omdat de volgende dokter er weer andere dingen uit oppikt.'
Dat is de lijn die Jan van Gijn voorstaat in zijn boek "Lijf en leed, geneeskunde voor iedereen": artsen moeten luisteren het verhaal van de patiënt. 'Elke specialist is in de eerste plaats dokter, in de tweede plaats internist, chirurg of wat dan ook. Je bent arts voor het hele lichaam.' In zijn boek laat hij aan de hand van wonderlijke genezingsgeschiedenissen zien hoe lichaam en geest met elkaar verwoven zijn, en hoe dat doktoren voor de gek kan houden.